header

Soefisme op de werkvloer

De vraag waaraan je een

echte soefi kunt herkennen

is niet eenvoudig ...

Soefisme op de werkvloer (Uit de Soefi-gedachte)

 

 

De vraag waaraan je een echte soefi kunt herkennen is niet eenvoudig te beantwoorden. En dat geldt zeker in de werk- situatie. De gemiddelde soefi beschikt immers niet over een onderscheidend aureool en vertoont zich ook op casual friday niet in een T-shirt met het heart & wings embleem. Aan de conversatie zul je het ook niet snel merken. De verhalen die men elkaar bij de koffieautomaat vertelt gaan eerder over lage listen dan over hooggestemde idealen. Of over voetbal natuurlijk, en dan is het geen aanrader om na een bevlogen verhaal van een Ajax-minnende collega dromerig te counteren met: “Ik heb de wedstrijd niet gezien, maar een boek gelezen. Heb je wel eens gehoord van de dichter Hafiz?”

 

Ik zal ook niet snel opbiechten dat ik bij de Soefi Beweging hoor. Op zijn best deelt men je vervolgens in bij de aan- hangers van onbetrouwbare sekten die zowel uit zijn op je ziel als op je portemonnee. Veel vaker echter begint bij de ontvanger van zo’n mededeling direct het volgende treintje te lopen: soefisme = islam = oorlog & terreur. Dat kan overigens zijn voordelen hebben. Je wordt dan omzichtig behandeld, uit angst dat je bij de geringste provocatie zal gaan zwaaien met een groene vlag beschilderd met ophitsende Arabische letter- tekens, al dan niet gevolgd door het trekken van een kromzwaard.

 

Ik ben me van dit type vooroordelen terdege bewust en probeer mij in woord en gebaar te matigen als ik weer eens voor een kapotte kopieermachine sta. Dat lukt overigens de ene keer beter dan de andere. Maar ik betwijfel of mede soefi’s wel volmaakt onthecht gedrag vertonen bij kantoorteleurstellingen. Bijvoorbeeld dat ze bij een koffieautomaat die opeens geen beker plaatst voor hij koffie begint te schenken een passend aforisme uit “De Beker van Saki” prevelen. Of een sereen “Thy light is in all forms” aanheffen

 

Toch zijn er op iedere werkplek collega’s aan te wijzen die zich gedragen zoals ik dat ook zou willen.  Ze begroeten iedereen die ze tegenkomen hartelijk. Ze reageren gelijkmoedig op succes en teleurstelling. Ze verstaan de kunst om hun emailberichten altijd van een warme persoonlijke toevoeging te voorzien. Bij complimentjes na enig succes wijzen ze naar collega’s die eigenlijk als eerste op het idee kwamen. Als je hun kamer binnenkomt kijken ze je aan alsof jouw verschijning hun dag extra glans geeft. De beste leraren zijn geen soefi. Of eigenlijk juist wel. Vreemde paradox. Eén ding is zeker, op het werk is men niet onder de indruk van mijn soefisme, maar ik raak onder de indruk van het soefisme van anderen. Dat is het geschenk van soefisme op de werkvloer.

 

Martin van den Graaff