header

Pranayama - de adem

 

 

 

 Pranayama - de wetenschap van de adem

 

De adem is de belangrijkste kracht om ons levensverloop te reguleren, en is in feite het leven zelf. Ofwel men heeft beheersing over de adem, in welk geval men enige greep heeft op zijn gedrag, ofwel men is in onverwachte omstandigheden de slaaf van ongecontroleerde emotionele, mentale of fysieke reacties.

 

De adem kan worden verbeeld als de rails waarover de gedachte rolt. Zoals de stoommachine over de rails rolt, is de gedachte krachtig wanneer die op de ademstroom gaat, of zij wordt incoherent en krachteloos onder specifieke omstandigheden zoals fysieke of psychische rusteloosheid, of net als in dromen. Bij het oplichten van de gedachte gaat het niet om de hoeveelheid ingeademde lucht. De intensiteit van de prana- vibraties die in de adem geabsorbeerd zijn is het geheim. Ook wordt door de steun van de magie van de adem wilskracht opgewekt. Daarbij is het voelende hart, dat zonder opzettelijke dwang de gedachte langs een gekozen route leidt, als de kapitein op het schip.

 

De adem kan worden gedisciplineerd wanneer daartoe geschikte ritmepatronen worden gevolgd. Daarbij houdt men de focus op specifieke chakra’s, zoals onder hindoes gepraktiseerd wordt bij de zogenaamde raja yoga. Bij de soefi’s is dit bekend als de ‘purification breath’ op ritmische patronen. Twee andere ademoefeningen, genoemd fikar en kassab, worden onder begeleiding eveneens beoefend in de innerlijke school van de Soefi-Beweging.

 

Nog weer een ander type van adembeheersing wordt beoefend door de kracht van de adem toe te passen onder specifieke omstandigheden, zoals wanneer men positief in actie moet komen, of zich moet afstemmen op een bepaalde kwaliteit die men wil verwerven. Deze twee tegengestelde energieën, die bij de hindoes pingala en ida heten en bij de soefi’s jelal en jemal, kunnen worden geactiveerd door uit te ademen door respectievelijk het rechter en het linker neusgat. De ademenergie (prana) die door het rechter neusgat uitstroomt, stimuleert de wilskracht om tot actie over te gaan.

 

De ademenergie die door het linker neusgat uitstroomt, wekt de afstemming op kwaliteiten die men zich eigen wil maken. Wanneer de ademenergie tegelijk door de beide neusgaten uitstroomt, wordt men afgestemd op wat de hindoes purusha- prakriti en de soefi’s de kemal-adem noemen. Dit is een adem- in-balans, die innerlijke vrede in zich heeft. Maar die kan iemand in chaotische situaties ook naar een toestand van onbalans leiden bij het ontbreken van zelfbeheersing, emotioneel, mentaal of fysiek. De boven genoemde oefeningen kunnen ook gedaan worden wanneer men zich op de kwaliteiten van de vijf elementen concentreert. Men kan ook geometrische figuren gebruiken, zowel als de zogenaamde ‘stretched breath’ (zie Oefenboek Esoteric practices).

 

Op een hoger niveau is er een meditatieve ademoefening die bij de hindoes mudra yoga heet en bij de soefi’s shagal. Deze oefening (met de ogen gesloten) wordt niet begeleid door ritmische patronen en ook concentreert men zich niet op één vast punt. Het idee is de werking van de vijf fysieke zintuigen naar binnen te keren: gehoor, gezicht, smaak, gevoel en reuk, en die af te stemmen op iemands innerlijk gewaarworden, daar waar men de reflecties van wat men buiten door de vijf zintuigen waargenomen heeft binnenin ontvangt.

 

De vijf sessies van deze oefening zijn als volgt:

 

I Het gehoor wordt afgesloten door zachtjes op de oorlellen te drukken en daarbij te luisteren naar de onbestemde geluiden die als ‘Hu’ resoneren in het innerlijk gehoor.

 

II Het gezicht wordt gesloten door zacht op de oogleden te drukken en daarbij een helder licht te visualiseren, dat door zijn schittering niet te vergelijken is met gewoon elektrisch licht.

 

III De smaakindruk wordt vervangen doordat er een onbekende smaak binnenkomt, te ervaren in de verbeelding wanneer men de tong zacht tegen het harde gehemelte drukt.

 

IV De reukindruk wordt vervangen door het magnetisme van de prana-stroom in te ademen en dat even vast te houden; het ‘ik’-bewustzijn vermengen met de aldoordringende geur van de sferen, dit door alternerend elk neusgat dicht te drukken.

 

V De gevoelsindruk wordt vervangen door het mystieke liefkozen te voelen van de vibraties van energie in de ruimte, die alom aanwezig is, al is dit uiterlijk niet waar te nemen.

Wanneer de vijf sessies achter de rug zijn, gaat men verder door alle vijf de zintuigen tegelijk te sluiten met de vingers van beide handen.

Het inademen gebeurt op een rustige ademhaling door het rechter neusgat; tegelijk sluit men het linker neusgat en stemt zich af op het alom-tegenwoordige bewustzijn.

Belangrijk is erop te wijzen dat deze meditatieve oefeningen geen effect kunnen hebben tenzij ze gedaan worden in ware nederigheid, zonder enige zelf-bevestiging en vrij van enige materiële bedoeling.